Deel op facebook
Deel op facebook

Ruïne

uit: Wie wordt onze gemeentedichter?

Dien hier je gedicht in!

Eens had ik nog kamers en zalen

met goudleer behangen. Veel van mijn

broers werden gefolterd, tenslotte

gedood, zullen nooit meer herrijzen.

Van mijn lichaam rest enkel nog een skelet.

Geplukt of gestroopt werd ik, als

vette ganzen, in mijn blootje gezet,

van al mijn schatten beroofd. Slechts

enkele kalkstenen beelden, naakter dan ooit,

magische antwoorden op feesten tussen

marmer en arduin, in zalen met komforen

en stenen estrades. Nog niet bewust van

verval door de tijd. Er rest enkel een puzzel

van teksten teveel met de voeten gelezen.

Geef een korte toelichting over hoe of waarom het gedicht tot stand kwam en vermeld de naam van de auteur

Het gaat over wat er overblijft van een kasteel na verwoesting.
 

Plaats zelf een reactie

Aanmelden

Reacties